Snelle verbreking arbeidsovereenkomst kost werkgever geld

In een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd kan een proeftijd worden opgenomen. Tijdens de proeftijd

Lees meer

Snelle verbreking arbeidsovereenkomst kost werkgever geld

24 oktober 2019

In een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd kan een proeftijd worden opgenomen. Tijdens de proeftijd kan zowel de werkgever als de werknemer de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang beëindigen. Zonder proeftijdbeding is een snelle beëindiging een stuk lastiger en kan het de werkgever veel geld kosten als hij de zorgvuldigheid uit het oog verliest, zo blijkt uit de volgende procedure.

Een werknemer met een vast dienstverband werd binnen twee weken na zijn indiensttreding ontslagen. Volgens de werkgever miste de werknemer de capaciteiten die vereist waren voor de functie. De ontslagbrief hield zowel een ontslag op staande voet als een opzegging van de arbeidsovereenkomst in. Voor opzegging van de arbeidsovereenkomst was geen toestemming van het UWV gevraagd en evenmin had de werkgever een ontbindingsverzoek bij de kantonrechter ingediend. De werknemer vorderde aanvankelijk vernietiging van de opzegging van het dienstverband. Tijdens de procedure berustte de werknemer in de beëindiging van het dienstverband en vorderde hij een billijke vergoeding. Wegens de korte duur van het dienstverband had de werknemer geen recht op een transitievergoeding. Vanwege zijn arbeidsverleden als zelfstandig ondernemer had de werknemer na de beëindiging van de dienstbetrekking geen recht op WW.

De kantonrechter rekende het de werkgever aan dat hij in één brief twee momenten noemde waartegen de arbeidsovereenkomst werd beëindigd. Daardoor was niet duidelijk of de werkgever de werknemer op staande voet heeft willen ontslaan of dat hij de arbeidsovereenkomst met inachtneming van een opzegtermijn heeft willen opzeggen. De kantonrechter was van oordeel dat de werkgever de arbeidsovereenkomst in strijd met de wet heeft opgezegd. Vanwege deze strijdigheid veroordeelde de kantonrechter de werkgever tot betaling van een vergoeding aan de werknemer van € 25.000.

Bron: Rechtbank | jurisprudentie | ECLINLRBDHA201910056, 7921299 EJ19-84729 | 24-10-2019

Het laatste nieuws

Wetsvoorstel Wet rechtsherstel box 3

1 december 2022

Bij de behandeling van het wetsvoorstel Wet rechtsherstel box 3 in de Eerste Kamer heeft de

Lees meer

Aankondiging aanpassing regeling STAP-budget

1 december 2022

Het STAP-budget is een subsidieregeling voor arbeidsmarktgerichte scholing. De regeling vervangt de

Lees meer

Kabinet pakt opmerkelijke belastingconstructies aan

1 december 2022

Het ministerie van FinanciËn is een project gestart om opmerkelijke belastingconstructies in kaart te

Lees meer

KvK verstrekt voorlopig geen informatie uit UBO-register

1 december 2022

Naar aanleiding van een arrest van het Hof van Justitie EU heeft de minister van FinanciËn de Kamer van

Lees meer