Hoog btw-tarief voor alcohol in restaurant

Voor de heffing van omzetbelasting geldt als uitgangspunt dat iedere prestatie afzonderlijk wordt

Lees meer

Hoog btw-tarief voor alcohol in restaurant

14 november 2019

Voor de heffing van omzetbelasting geldt als uitgangspunt dat iedere prestatie afzonderlijk wordt beoordeeld. Prestaties die economisch als één prestatie worden gezien mogen niet kunstmatig gesplitst worden. Onderling samenhangende prestaties worden als één prestatie aangemerkt als één van de prestaties de hoofdprestatie vormt en de andere als bijkomende prestaties worden gezien. In dat geval geldt voor het totaal van de prestaties het tarief dat voor de hoofdprestatie geldt, ook al zou voor een bijkomende prestatie, als deze afzonderlijk werd verricht, een ander tarief gelden. De Europese btw-richtlijn staat de lidstaten uitdrukkelijk toe om voor restaurantdiensten een uitzondering te hanteren in hun wetgeving door twee tarieven te hanteren en de levering van alcoholhoudende drank uit te sluiten van het verlaagde tarief. Nederland heeft van deze mogelijkheid gebruikt gemaakt.

Op de verkoop van alcoholhoudende dranken is het algemene, hoge tarief van de omzetbelasting van toepassing. Op de verstrekking van maaltijden in horecagelegenheden is het lage tarief van toepassing. Een horecaondernemer bepleitte toepassing van het lage tarief op de door hem bij lunches en diners geserveerde alcoholhoudende dranken. Volgens de horecaondernemer gaat de verstrekking van alcoholhoudende drank op in de verstrekking van maaltijden als hoofdprestatie. 

Nadat eerder de rechtbank en het hof hebben geoordeeld dat de regeling in de Nederlandse wet in overeenstemming is met de btw-richtlijn, komt de Hoge Raad tot hetzelfde oordeel. Het lage tarief van de omzetbelasting is niet van toepassing op de verstrekking van alcoholhoudende drank, ook al vormen restaurantdiensten gezamenlijk één dienst, waarbij de verstrekking van maaltijden de hoofdprestatie is.

Bron: Hoge Raad | jurisprudentie | ECLINLHR20191724, 18/00405 | 14-11-2019

Het laatste nieuws

Fictieve vervreemding aanmerkelijk belang bij overlijden

30 juli 2026

Een vrouw overlijdt in 2020. De inspecteur legt een aanslag inkomstenbelasting op, waarbij hij een

Lees meer

Handvol e-mails levert volledig gebruikelijk loon op

30 juli 2026

Een dga stelt dat hij vanwege hartproblemen geen werkzaamheden voor zijn bv heeft verricht. Daarom zou de

Lees meer

Belastingdienst mag wereldwijd informatie opvragen

30 juli 2026

De bevoegdheid van de inspecteur om rechtstreeks informatie op te vragen is niet territoriaal begrensd,

Lees meer

Navordering deels vernietigd na te late aanslag

30 juli 2026

De bevoegdheid om een navorderingsaanslag op te leggen vervalt vijf jaar na het ontstaan van de

Lees meer