Belastingdienst corrigeert onzakelijke rente eigen woning

Een belastingplichtige financierde zijn woning met een lening van zijn ouders. De lening had een looptijd

Lees meer

Belastingdienst corrigeert onzakelijke rente eigen woning

29 augustus 2019

Een belastingplichtige financierde zijn woning met een lening van zijn ouders. De lening had een looptijd van 30 jaar. De rente bedroeg 9% per jaar voor een periode van 15 jaar. Voor de lening zijn geen zekerheden gesteld. Ten tijde van het afsluiten van de geldlening was een rente van 3% gebruikelijk voor een lening met zekerheidsstelling en een rentevaste periode van 15 jaar. Het ontbreken van zekerheid rechtvaardigt in het algemeen een hogere rente ter compensatie van het risico dat de geldverstrekker loopt.

De rechtbank was van oordeel dat het risico dat de belastingplichtige de geldlening niet zou kunnen terugbetalen niet groot was. Daardoor was er geen reden voor een aanmerkelijk hogere rente dan gebruikelijk. Volgens de rechtbank hebben de ouders de geldlening onder de overeengekomen voorwaarden verstrekt vanwege de familierelatie. De inspecteur heeft, rekening houdend met het ontbreken van zekerheid, de rente op 4,5% gesteld. De rechtbank vond dat een redelijk percentage.

In hoger beroep heeft Hof Den Haag zich bij het oordeel van de rechtbank aangesloten.

Bron: Hof Den Haag | jurisprudentie | ECLINLGHDHA20192213, BK-18/01013 | 29-08-2019

Het laatste nieuws

Btw-ondernemerschap door verhuur werkruimte aan eigen bv

10 september 2026

Een dga verhuurt sinds 2009 een werkkamer, de garage en een kantoor in het souterrain aan zijn eigen bv,

Lees meer

Geen arbeidskorting na ziekmelding

10 september 2026

Ziektewetuitkeringen worden alleen als inkomen uit tegenwoordige dienstbetrekking aangemerkt als deze

Lees meer

Vijf jaar in één factuur: aftrek sneuvelt

10 september 2026

Een holding trekt ruim € 2 miljoen aan managementkosten af. Deze zijn gefactureerd door een

Lees meer

Terugbetaling van kapitaal moet vooraf zijn geregeld, niet achteraf

3 september 2026

In 2019 laat een directeur-grootaandeelhouder zijn werkmaatschappij € 116.324 uit de agioreserve op

Lees meer