Naheffing terecht, geen bewijs voor mondeling stopzetten van loon

Een man is de enige werknemer van een bv. De man is werkzaam als bestuurder bij meerdere vennootschappen.

Lees meer

Naheffing terecht, geen bewijs voor mondeling stopzetten van loon

28 augustus 2025

Een man is de enige werknemer van een bv. De man is werkzaam als bestuurder bij meerdere vennootschappen. Als de Ondernemingskamer een nader onderzoek naar de gang van zaken binnen het concern instelt, wordt de bestuurder voor de duur van dat onderzoek geschorst. Met de bestuurder wordt mondeling afgesproken de loonbetalingen stop te zetten. Vanaf dat moment worden er ook geen aangiften loonheffingen meer ingediend door de bv. Als reactie daarop legt de inspecteur naheffingsaanslagen met boetes op.

De bv is het hier niet mee eens en gaat in beroep. De rechtbank komt tot de conclusie dat de omkering en verzwaring van de bewijslast gerechtvaardigd is, omdat de vereiste aangiften niet zijn gedaan. De schatting van het loon door de inspecteur wordt als redelijk en niet willekeurig beoordeeld. De bv voert aan dat er een mondelinge afspraak is gemaakt met de bestuurder om de loonbetalingen stop te zetten. Dit zou volgens haar betekenen dat zij geen loonheffing verschuldigd is over de betreffende maanden. De rechtbank wijst dit argument echter af. De bv heeft onvoldoende bewijs geleverd om deze mondelinge overeenkomst aannemelijk te maken.

Daarnaast benadrukt de rechtbank dat het overeengekomen loon al vorderbaar en inbaar is op het tijdstip dat de werkzaamheden worden verricht, ongeacht of de loonbetalingen daadwerkelijk zijn stopgezet. Omdat de bv niet overtuigend kan aantonen dat het loon niet verschuldigd was, blijft de schatting van de inspecteur, gebaseerd op het overeengekomen maandloon, in stand. Hierdoor wordt de naheffingsaanslag niet verder verminderd.

Bij het opleggen van een verzuimboete wordt geen onderscheid gemaakt in de mate van schuld of nalatigheid. Wel moet bij afwezigheid van alle schuld (avas) het opleggen van een verzuimboete achterwege blijven. In deze zaak werd niet aannemelijk gemaakt dat sprake is van avas, noch dat er bijzondere omstandigheden zijn om de boetes te matigen. Hierdoor blijven zowel de naheffingsaanslagen als de boetes in stand.
 

Bron: Rechtbank Zeeland-West-Brabant | jurisprudentie | ECLI:NL:RBZWB:2025:5087 | 03-08-2025

Het laatste nieuws

Tarieven, heffingskortingen en bedragen inkomstenbelasting 2026

23 december 2025

De tarieven in box 1 van de inkomstenbelasting en voor de loonbelasting zijn in 2026 als

Lees meer

Gedeeltelijke verlenging zachte landing handhaving schijnzelfstandigheid

23 december 2025

Bij de behandeling van het Belastingplan zijn verschillende moties aangenomen, gericht op de verlenging

Lees meer

Bij buitenlands onroerend goed werkt rechtsherstel box 3 soms averechts

23 december 2025

De Wet rechtsherstel box 3 heeft voor belastingplichtigen met buitenlands vermogen soms een averechtse

Lees meer

Adviseur vraagt per ongeluk kleineondernemersregeling aan

23 december 2025

Een algemene machtiging voor het doen van aangiften omvat volgens de rechtbank óók de bevoegdheid om

Lees meer